zondag 28 april 2013


 24 april

 


We gaan om 9.30 uur weg en rijden eerst naar een heel grote Migros, waar Dick aan de blog gaat werken. Eerst lukt het niet, maar met behulp van een aardige Turkse meneer die zijn wachtwoord te leen geeft aan Dick is het toch mogelijk contact te maken. Ik ga ondertussen het hypermoderne winkelcentrum in. Ik scoor een leuk shirt voor mezelf  en twee overhemden voor Dick bij Waikiki, een nationale kledingketen. Het is al tegen 12 uur dat ik tegen Dick zeg dat ik toch wel graag de grote oude muren van deze onofficiële hoofdstad van de Koerden wil zien, dus gaan we dwars door deze stad heen, waar we ons prompt vastrijden bij opstaande palen in het wegdek.
Er staat iemand te gebaren dat we terug moeten, totdat hij ziet dat we toeristen zijn en hij komt grijnzend naar ons toe, vertelt dat hij politieagent is en in  maart in Amsterdam was ( Dam   Dam    Dam)    Hij laat ook foto’s zien en hij belt iemand die de palen kan laten zakken met een sleutel. Wij mogen er als enige door.  Ze wijzen ons nog de weg maar dan blijken we toch de goede niet genomen te hebben want we komen bij slagbomen van een heel grote universiteit. De 3  mannen liggen finaal in een deuk en wij op een gegeven moment ook. Eerst moeten we terug, maar dan gaat toch de slagboom open en komen we op een heel ruim  universiteitsterrein met veel faculteiten met daartussen parken.  We komen natuurlijk weer bij een slagboom om er uit te kunnen en die mijnheer  blijkt al ingelicht en we mogen er meteen weer uit. We rijden over een mooie weg met overal weer besneeuwde bergen naar Tatvan aan het Van Golu ( het Vanmeer ) een heel groot meer, 7 keer zo groot als het Meer van Geneve en 400 meter diep.
We overnachten aan de boulevard . We gaan even thee drinken bij een keetje aan de boulevard. We eten de maaltijd die we gisteren hebben gekregen, de smaak is heerlijk , maar de tranen lopen me over de wangen, en ik dacht dat ik nog wel goed tegen scherp eten kan.



25 april

We zitten hier op een hoogte van 1650 meter en het is hier nog winter. Als we net ons eitje hebben gekookt, worden we uitgenodigd voor het ontbijt bij het tentje. Daar zitten al twee mannen en wij moeten aanschuiven.  Er staat Pide (het platte turkse brood ) en olijven , een heerlijke kruidenkaas uit deze streek (otlu peynir) 
 
komkommer, tomaten en natuurlijk  de onafscheidelijke thee. En daar zitten we dan met Ilhan, Nuri en Burhan te eten met op de achtergrond koeien op de boulevard  en een prachtige besneeuwde berg aan het meer. Onderweg langs het meer zien we een prachtige moskee ( de Adabag Camii), die er oud uitziet maar het niet is. We gaan hem ook even bezichtigen. Op een gegeven moment gaan we de weg af naar het meer. Bij een heel groot weiland zien we van alles bewegen, het blijken tientallen nieuwsgierige  hamstertjes of marmotjes te zijn.
Het is zo grappig. Dick kan er foto’s van maken. Het is jammer dat het te koud is om buiten te zitten, want het is hier maar rond de 10 graden. We hebben overigens in heel Turkije nog maar twee campers gezien(!!!)  We komen aan in Ercis en gaan daar nog even brood en sinaasappelen (grote!!!!!!) kopen en vinden even buiten het stadje een plek aan het meer  met bankjes etc. In de verre omtrek is er geen camping te vinden.


26 april

Heerlijk geslapen. Dick gaat zijn voeten wassen in het zoute en alkalische water van het Vanmeer en ik ga mijn schoenen reinigen (dikke laag modder) . Daarna gaan we nog even de wijnflessen vullen met wijn uit de laatste pakken. Om 11.30 uur rijden we weg , het is iets minder koud als gisterenochtend. Iets voorbij Muradiye ziet Dick een bordje met Waterfall en we gaan kijken. Reuze spectaculair en echt de moeite waard. 
Onderweg op de prachtige ruime weg die steeds hoger gaat tot 2600 meter zien we veel besneeuwde bergen en lavastenen.  Ik ga de lunch klaar maken en Dick gaat even een stukje lopen. Hij komt terug met foto’s van een poolvos je. Het is hier heel bijzonder. Er groeien krokussen naast de sneeuw. We zien veel militairen omdat we vlak langs de Iraanse grens rijden. We denken dat ze niet mogen zwaaien, maar ze lachen wel naar ons. We worden nog steeds door iedereen enthousiast bejegend. Bij de stad Dogubayazit kunnen we eerst Camping Murat niet vinden , maar uiteindelijk lukt het wel.  Als Dick  de camping op wil draaien, valt zowel de motor als ook de rem- en stuurbekrachtiging weg. We hebben hetzelfde al een keer gehad in Roemenië, maar er staan onmiddellijk 5 turken te sjorren aan de motorkap.  Het is niet nodig, want na enkele minuten  start hij vanzelf weer. Ik vind het wel eng. De Camping blijkt een parkeerterrein met grint en elektriciteit. Hier geen WIFI want we zitten teveel tussen de bergen. We gaan eten bij Murat en aangezien ze in Turkije vaak geen menukaart hebben  wijzen we maar iets aan. De kip is lekker, het brood ook, een saus met dille en de salade (niet besteld)  is ook wel goed, maar het is zo koud in het restaurant dat we niet weten hoe snel we weer naar de camper moeten komen. In het restaurant is alleen een gewone wc, de rest is hurk.  Ik ga heel vroeg naar bed (21.30 uur) , maar wordt tegen 12.00 uur wakker door heel hard gebons op deur en ramen. (dronken lolbroeken). Het duurt weer heel lang voordat ik slaap. Er zijn veel blaffende zwerfhonden op het terrein. De imam houdt zich rustig.

27 april

Het weer is prachtig als we opstaan, ik ga toch douchen in de camper want zowel wc  als douche zijn zo smerig. Nog even in de zon gezeten en dan gaan we weg. We rekenen maar 10 lira ( €4.50) af en dat is ook wel genoeg. Om 11.30uur vertrekken we  naar de Ishak Pasha Sarayi.
We betalen 10 lira en kunnen daarvoor het hele zandstenen paleis bezichtigen. Het is ongeveer eind 18de eeuw gebouwd en heeft veel verschillende invloeden.   Er zijn haremkamers, mannen verblijven, een moskee, een bilbiotheek en een keuken. Als ik denk dat  Dick is omgekomen in de haremvertrekken komt hij toch boven water.
We hebben vanaf  hier een prachtig  gezicht op de hoogste berg van Turkije de Agri Dagi.( 5437 km.)   En daarachter de vulkaan de Ararat, die net over de grens van Iran ligt.
We slaan de richting van de Iraanse grens in en zien na 20 km. een onafzienbare rij vrachtauto’s ,
wij mogen ze passeren. Aangekomen bij de grens zien we tientallen ambulances met een sticker 19 t/m 29 april. Aid Convoy from UK to  ???  Ik vraag het aan iemand en ze blijken naar de pakistaanse  grens te gaan.  We vragen of we de grens over mogen, maar dat mag niet zonder visum en dat kunnen we alleen halen in Erzurum (200 km. ver) en ook Iraans geld hebben we niet en dat is ook een vereiste.  Iedereen is alleraardigst en behulpzaam, maar ze krijgen het niet voor elkaar.   We hebben toch met onze paspoorten even gelopen op Iraans  grondgebied.  Onderweg terug denken we een rustig plekje in de zon te hebben gevonden, maar uit het niets duiken weer kinderen op die eerst mijn zonnebril willen hebben en daarna proberen mee te “lezen” uit mijn tijdschrift. Dan komt er nog een vrouw met een kind aan en die wil geld hebben voor de tandarts en ook Dick zijn schoenen zijn erg in trek. Als we kijken waar ze wonen kunnen we het wel enigszins begrijpen. Hutjes met plastic i.p.v. een dak en dat op 1600 meter. Door Igdir richting Armeense grens komen we in het dorpje Karakolunyu, zoeken een plek en komen terecht bij de Jandarma ( iets tussen politie en leger)  Na veel overleg mogen we aan de overkant van de poorten en muren gaan staan. Na het eten wordt er weer geklopt en er staan 20 mensen voor de deur of we  thee willen. Nu hebben we het afgewimpeld. De kinderen uit de buurt blijven vervelend roepen en bonzen op de camper. Om 20.30uur hebben we er genoeg van en rijden terug  naar Igdir. We komen uiteindelijk bij het ziekenhuis terecht  en daar mogen we op het parkeerterrein staan.


 

 

woensdag 24 april 2013


20 april

Nog steeds  zwaar bewolkt en we besluiten van de camping weg te gaan. Mijnheer Ahmet is niet blij. We gaan richting Goreme openluchtmuseum. Het wemelt er van de mensen, dus wij rijden wat door en gaan daar een kleine kerk bezoeken die in het tufsteen is uitgehouwen. We krijgen daar ook thee. Dan gaan we naar Urgup waar we de “feeën schoorstenen” zien. Het blijkt in dit zeer toeristische dorp ook weekmarkt voor de bevolking te zijn en ik koop daar allerlei groenten. Verderop in Mustafapasa (een oud Grieks dorp) gaan we  nog een eindje wandelen. Het weer is heel redelijk, maar wel koud. Tegen 16.00 uur gaan we richting Malatya. We rijden in slecht weer over een B weg die in eerste instantie heel goed is, maar die later vreselijk slecht wordt. Tegen 19.00 uur rijden we een heel arm dorpje (Saraycik) in en komen bij het laatste huisje, waar het lijkt of we al opgewacht worden. Vader, moeder en dochter staan al buiten en we mogen daar staan maar we moeten eerst binnen komen. De kachel brandt lekker en er staat een soort grote taart te bakken op de houtkachel. Er wordt thee gezet en na een half uur komt er een klaptuintafel en wordt er van alles voor ons neergezet. De donkerbruine cake heeft wel onze voorkeur, maar op een gegeven moment komt er een soort dun deeg op tafel en daar moeten iets opdoen en dan oprollen . Het blijkt een soort eimengsel te zijn. Heerlijk.
Verder staat er nog brokkelkaas , honing en een soort pindasausje, deze twee worden samen gegeten. De communicatie verloopt vrij moeizaam, we vermoeden dat Ibrahim en Harache (dat verstaan we) analfabeet zijn , maar met ons woordenboekje en dochterlief komen we iets verder. Op de televisie zie ik Turkse volksdans en ik ga bijna mee doen. Dat vinden ze leuk. Op een gegeven moment willen we wel weg en na nog een kop thee staan we op en bedanken in het Turks (!!!) We zeggen dat we gaan slapen. Binnen zitten we nog een tijdje te overleggen  en gaan tegen 12 uur naar  bed. Dan blijkt Dick zijn bed helemaal nat door een lekkende waterfles. We maken het zo goed mogelijk droog en met behulp  van een paar droge dekens slaapt hij toch nog redelijk.

21 april

Als de familie  maar iets gerommel horen in de camper wordt er op de deur geklopt en moeten we komen ontbijten met gekookte eieren  en verder hetzelfde als gisteren. En passant wordt er door moeder gevraagd of de dochter mijn fleece Jasje mag hebben. Ik ga in de camper een ouder exemplaar zoeken want aan dat  ik aan heb ben ik erg gehecht. Na de zoveelste kop thee, kunnen we gaan.  Ze staan ons uit te zwaaien zelfs als we al boven langs het dorp rijden.
We willen vandaag de hele dag rijden omdat we toch hebben gepland helemaal naar het oosten, de grens met Iran, Armenië en Georgië te bekijken.  De weg is slecht ( en soms eng) maar prachtig. Het is helder en redelijk zonnig maar wel koud. We zijn omgeven door besneeuwde bergen en komen zo op 1990 meter dat we de sneeuw kunnen aanraken. Het is vandaag zondag en er wordt overal gewerkt in de winkels, op het land en aan de weg. Via Goksun, Elbistan  richting Golbasi. Dan zien we een prachtig natuurfenomeen, heel bijzondere bergen. Al met al echt genieten. Tegen 17.30 uur komen we aan in Adiyaman, een vrij grote stad  en vinden meteen een mooi parkeerterrein naast een restaurant. IK ga ouderwets doperwtjes doppen en daar bij eten we het vlees dat mij gisteren is aanbevolen door twee slagers bij de Migros. We gaan nog even koffie en thee drinken in het restaurant.

22 april

We slapen geweldig, geen imam en geen hanengekraai. We gaan op weg naar de Nemrut Dagi (de berg Nemrut. Aangekomen in Katha worden we gemaand tot stoppen door een onguur uitziende meneer, maar hij is wel aardig en zegt dat we met onze camper beslist niet de berg op kunnen want er ligt nog veel sneeuw op de weg. Hij brengt ons naar een zogenaamd  Toeristenbureau, waarbij  “toevallig” ook  een camping (Kommagenen Camping) is. Daar kunnen we een excursie boeken naar de berg. We wachten nog even af en gaan eerst de was doen omdat het heel mooi weer is. Het is jammer dat het weer volkomen omslaat, als de was net een kwartier hangt. Er komen grote hagelstenen naar beneden. De volgende verkeerde inschatting  is een ritje met een privéauto naar de berg (65 km verder)  voor 70 euro incl. entree om 15.30 uur  Na een uur komen we aan op 2100 meter hoog. Er ligt geen sneeuw op de weg. We blijken dan nog minstens een half uur te moeten lopen over een moeizaam stenen pad om de grote stenen hoofden boven op de berg te zien. We gaan dat niet redden. Er wordt ons aangeboden tegen betaling op een dikke ezel plaats te nemen, maar daar zien we maar van af. 40 min op de rug van een ezel zal in elk geval onze rug geen goed doen.
Het uitzicht is wel fenomenaal.  Onderweg terug naar Katha wordt het weer erg slecht maar Dick maakt mooie foto’s  onderweg. We zijn blij dat we niet op de berg staan met dat noodweer.  Maar wel jammer dat we de beelden waar het om ging niet gezien hebben. Op de camping hangt de was er nat bij en we gaan alles maar ophangen in de camper. Plotseling breekt er een gevecht uit tussen een ouder en een jonger iemand vlak voor onze camper. Het geeft niet echt een prettig gevoel. Er lopen ons ook teveel louche figuren rond op de camping. ’s Nachts ben ik heel vaal wakker en voel me niet erg prettig op de camping, de hele nacht auto’s en stemmen. Mijn verbeelding gaat een beetje met de op de loop, maar ik weet niet of ik er zo erg naast zit(???????)

 

23 april

 
We vertrekken vrij vroeg met een 5 centimeter dikke modderlaag onder onze schoenen en nadat we 10 lira hebben betaald. Dit is een nationale feestdag en kinderdag. We gaan naar( Sanli) Urfa. Onderweg stoppen we nog bij de Ataturk Dam.  Iedereen hier noemt de stad nog steeds Urfa. Sanli betekent glorieus en het voorvoegsel kreeg de stad in 1920 door zijn rol tijdens het verzet tegen de fransen. We zien geen volksdans, ook al doe ik op straat voor wat ik  bedoel(!!!!) Er komt een erg aardig jong echtpaar met kindje  op ons af. Zij is lerares en ze willen  graag met ons meelopen en voornamelijk haar engels oefenen zoals ze zelf aangeeft. Mijnheer gaat voor ons allemaal een flesje water halen en we lopen naar het eerste toeristenburo. Het is gesloten, het volgende 1 ½ km verder is ook gesloten waarschijnlijk vanwege de nationale feestdag. De lerares hoeft vandaag ook niet te werken en waarschijnlijk de helft van de bevolking niet.
Het is overvol. We worden de weg gewezen naar Golbasi en we vinden het. Het is er een drukte van jewelste, maar heel leuk. Er is een Vijver van Abraham en ook de geboortegrot van hem, kunnen we aanschouwen. Verder veel grasperken waar iedereen zit te genieten van de zon en meegenomen eten en drinken. Op de terugweg gaan we  naar de Kapali Carci ( de bazaar) die een onderkomen heeft in Osmaans bouwwerk, we zien ook enkele oude moskeeën. Om ongeveer 16.30 uur terug bij de camper en rijden de stad weer uit richting Siverek. Daar aangekomen zien we nergens een restaurantje, waar we zouden kunnen overnachten alleen twee Koerden (zoals ze zelf vertellen), maar er is hier niemand die Engels spreekt. We rijden maar verder en komen om 18.30 uur in de  grote stad Diyabakir aan , waar we niets kunnen vinden om veilig te staan. Alle flats en huizen zijn omheind met dikke muren , hekken en gesloten poorten met beveiliging. Hoe zou dat nou komen. Een poort is niet dicht en Dick praat met iemand die in de flat woont en die weer iemand belt (waarschijnlijk een soort huisbaas) en na veel vijven en zessen mogen we er staan, wel zo veel mogelijk licht uit en alarm aan. Lekker buurtje. Om 10.45 uur wordt er op de deur geklopt, ik schrik me een ongeluk. Dick gaat kijken en het blijkt de meneer van het telefoongesprek te zijn (Yusuf). Hij komt met tassen vol binnen waarin vlees, sla,komkommer, citroen, yufka (een soort deeglapjes) , saus, een doos koekjes en 2 gebakjes zitten. 
We zijn helemaal beduusd, want hij wil er niets voor hebben. We hebben gelukkig zijn adres. Ons idee van een onveilige buurt  is nu verandert in een aardige buurt met vriendelijke mensen!!!


 

 

 

vrijdag 19 april 2013


14 april

Uitgezwaaid door 4 politiemensen gaan we om 10.00 uur richting Isparta. Om ons heen allemaal besneeuwde bergen. Het is weer prachtig weer. ’s Morgens 14  graden, maar al snel rond de 25 dus heerlijk weer. In Isparta is de Kipa extra open, een heel groot warenhuis en het is zondag en nog heerlijk rustig. Er is ook WIFI . We gaan naar het meer Egirdir Gollu.  Tegen 15.30 uur vinden we er een prima plek. Een uur later  begint het hevig te waaien en we verkassen toch een stukje. Na het eten gaat het vreselijk onweren en regenen. Het blijft nog een tijd regenen.

15 april

Om 10.30 uur rijden we weg. Het is nog droog, maar het begint al heel gauw te regenen. Het gaat steeds harder maar de weg door het Kovada Milli Park is schitterend. Als we op de kustweg zijn blijft het nog uren regenen en onweren en na een paar dagen meer dan 25 graden is de 10 graden van nu wel echt wennen en Ria gaat maar weer op de winterkledingtoer, maar vlak voor Alanya  is het even droog. We kopen daar een nieuwe zonnebril voor Dick en ik ga mijn haar  laten knippen.
Als ik klaar ben hoost het al weer als een gek. Voorbij Alanya zien we een leuk restaurantje aan zee en daar gaan we  eten, en mogen we overnachten. Heel leuk en gezellig ,wel valt twee keer de stroom uit en zitten we in het donker. Jammer dat we al betaald hebben. Met de Iphone  als zaklamp gaan we terug naar de camper.  Eenmaal terug komen er heel grote hagelstenen op het dak, wel heel heftig en  we kunnen elkaar totaal niet meer verstaan.

16 april

 
Om 8.30 uur rijden we weg om een plaatsje aan de zee te vinden om te ontbijten. Het is mooi weer. We rijden langs vele kassen en bananenplantages en kopen  een trosje langs de weg. In Anamur,
het zuidelijkste puntje van Turkije, (we zien zelfs cyprus liggen) spreken we verschillende mensen, de een wil van alles weten wat we nog gaan doen, de ander geeft ons amandelen en ik koop er weer heerlijk vers brood, zo lekker , maar dat weten we al. We rijden terug naar de grote kustweg, maar onderweg worden we tot stoppen gemaand door een arm uit het raam. Het blijkt Mustafa te zijn die 39 jaar in Vlaardingen heeft gewoond en die graag even in het Nederlands wil praten. In Silifke gaan we de weg af om wat bijzondere  vogels te spotten in de Goksu Delta, maar we schrikken erg als we daar, 12 km. van de grote stad een armoe zien, die we daar niet verwachten. Heel veel mensen wonen daar in tenten. We voelen ons erg gênant in onze grote camper. We geven nog wat chocolade-eitjes aan een paar kinderen, een van hen antwoordt in keurig engels :nice to meet you.  Terug op de grote weg zijn we er nog van onder de indruk. We kopen aardbeien langs de kant van de weg.  We overnachten op een grote open plek aan zee. Wel veel verkeers lawaai, maar het iets niet anders, het is inmiddels 20:15 uur en al donker.

17 april

We ontdekken nu pas dat we op een voormalige camping hebben gestaan, waar we 0m 10.15 uur vertrekken naar Adana. Het is mooi weer onderweg maar inde miljoenenstad  Adana regent het pijpenstelen. We vinden een mooie plek in een sportpark bij een verenigingsgebouwtje.

18 april

Om 10.00 uur vertrekken we lopend naar de Centrale Moskee Sabanci. Deze moskee is in 1998 voltooid en is de grootste van Turkije.   
We mogen erin en zijn alleen met de stofzuigers en andere schoonmakers aanwezig in de schitterende moskee met 6 gewijde minaretten van 99 meter hoog en een koepel van 54 meter. Er kunnen 20.000 mensen in. We geven een vrijwillige gift. Verder naar de Romeinse Stenen Brug uit de  2de eeuw met 14 bogen. Dan naar de Grote Moskee uit 1541 met een achthoekige minaret en zwart en wit marmer  kenmerkend voor de Syrische religieuze architectuur. Buiten de poort zit een schoenpoetser en Dick zijn schoenen zijn wel toe  aan een poetsbeurt. Dan gebeurt er  iets merkwaardigs, eerst worden de schoenen ingesmeerd, dan wordt er in het uitwrijfdoekje gesnoten en dan wordt daar mee uitgewreven en op het laatst gaat er nog wat spuug overheen, maar het moet gezegd worden , hij heeft nog nooit zulke nette schoenen gehad.  Verder naar de Overdekte Bazaar, een wirwar van straatjes met kleine naaiateliertjes, ijzerwerkplaatsjes etc. We lunchen heerlijk met een soort opgerold deeg met daarin  kip, tomaat , sla etc.  met daarbij Ayran (een zoute karnemelk/yoghurtdrank) voor Dick en voor mij lekker koel water. Dan terug naar de camper. Eerst uitrusten en dan op weg naar Cappadocie. Dit gaat over een bergweg  die op het hoogste punt 1372 m hoog is. Het houd wel op maar het is een erg mooie weg. Uiteindelijk komen we om 20.00 uur aan in Pozanti en gaan staan bij het plaatselijke ziekenhuis. Om 00.30 uur wordt er op de deur geklopt, het is de politie, we mogen daar niet staan, maar omdat het al zo laat is, stuurt hij ons toch niet weg.

19 april

We gaan vroeg weg, want we zijn duidelijk niet welkom. We ontbijten ergens anders en rijden over een pas van 1600 meter, maar ervaren het zo niet omdat we al een hele tijd op een hoogvlakte rijden van zeker 1000 meter hoog. Er zitten hier ook bijna nog geen blaadjes aan de bomen, altijd een rare gewaarwording.  We komen aan in Nevsehir en gaan door naar Uchisar waar we rotswoningen bekijken , heel indrukwekkend.
Een stukje verder vinden we een camping met alles erop en eraan.  We besluiten er meteen te gaan staan.   Binnen het half uur begint het echter ontzettend te regenen en ook Internet is verdwenen.

 

 

 

 

 

zondag 14 april 2013


10 april

Vandaag de hele dag geluierd op Camping Ada op het schiereilandje Alibey Adasi. We hebben iets te lang in de zon gezeten aan de zee en zijn iets verbrand. We kijken uit op het griekse eiland Lesbos.

11 april

Om 10 uur vertrekken we nadat we schoon water, schoon toilet etc. hebben geregeld en 90 lire hebben betaald. We gaan langs Izmir (vol met grote flats)  en bezoeken daar een prachtig winkelcentrum, waar we ook een tolkaart of kastje willen regelen. Volgens de ANWB bij de Garantibank, maar dat klopt niet. Dan begint de grote zoektocht naar een postkantoor. In Auracilar vinden we er een maar daar verkopen ze het niet. Eindelijk om 16.30 uur vinden we een groter postkantoor en het duurt zeker een half uur voordat we een vignet voor op de voorruit hebben bemachtigd, nadat we er 35 lire hebben betaald. Wel bij een allerliefst meisje.  Eerst gaan we op het strand bij Efeze staan , maar we weten niet hoe laat en hoever de vloed komt en gaan we toch maar naar de grote parkeerplaats. Slapen prima.
 

12 april

We vertrekken om 10.00 uur richting Pammukale over een binnenweg. Onderweg veel landbouw en veeteelt en maken een foto van 4 vrouwen die op het land aan het werken zijn.  Iedereen zwaait naar ons, maar we zijn op een gegeven moment wel de weg kwijt. Vragen bij een terrasje waar we naar toe moeten en een meneer springt op en wil voor ons uit rijden tot aan de goede weg. Dat doet hij zeker 10 km en hij wil er niets voor hebben. Wij stoppen even bij de moskee van Beydag en nemen alleen foto’s van de buitenkant.  We gaan op zoek naar een wegenkaart die uitgebreider is dan die van ons, maar die zijn niet te vinden bij de talloze tankstations (die allemaal hun eigen benzine prijs hebben en daar zit veel variatie tussen) dus maar weer een plaatsje in, waar we verkeerd rijden en op een zeer slechte weg terecht komen, daar gaat het niet helemaal goed en breekt de vuilwaterleiding onder de camper vandaan. Dick ligt een half uur onder de camper  om hem provisorisch te repareren en dan terug naar het plaatsje. Met handen en voeten weet hij grote Tie-wraps  te krijgen en men wil er niets voor hebben.  We rijden verder richting Pammukale en zien een bedrijfje waar we heen rijden. We kunnen er prachtig staan en meteen daarna komt  de baas en zijn vrouw terug en ik wordt eerst meegetroond naar moeder die in de moestuin bezig is, er wordt eerst sla en lente-uitjes uit de tuin gerukt voor ons en ik maak een praatje met de moeder die in München heeft gewoond. Dan worden we uitgenodigd door de eigenaar om koffie te drinken. We stappen  in zijn auto en rijden naar het plaatselijke terras om koffie ( dick) en thee (ria) te drinken. Hij wil betalen en doet dat ook .
Dan gaan  we nog even naar de markt waar we doppinda’s willen kopen, maar die betaalt hij ook en daarna nog de olijven. We voelen ons een beetje bezwaard, maar hij vindt het duidelijk heel leuk. Dan terug naar de camper.



13 april
We worden pas wakker om 10.00 uur  en zo gauw het personeel van het bedrijf zien dat de luiken open gaan ,komen ze aan met twee tulpvormige glaasjes met thee. Geweldig. We vertrekken om 10.50 uur nadat we eerst de werking van de grote theepot hebben aanschouwd, heel vernuftig met brandende kooltjes erin en twee kraantjes voor heet water om te spoelen en een voor de thee. Dan gaan we richting Pamukkale, kunnen  het weer niet vinden , maar uiteindelijk blijken de opgravingen  van Hierapolis en de witte kalksteenterrassen bij elkaar te  liggen. Met een toegangsticket kunnen we beiden bekijken. Opgravingen van ver voor Christus zijn zeer indrukwekkend en ook de kalkterrassen zijn prachtig.
 Ria gaat nog even het water in. Er zitten heel veel grote hagedissen, bijzondere  vogels en vlinders. Het is wel een domper dat Dick onderweg zijn zonnebril kwijt raakt.  We gaan dan verder naar de grote stad Denizli, niet mooi, maar we moeten tanken en pinnen. Naar later blijkt is de diesel in de stad veel duurder dan elders, dus volgende keer opletten, we tanken nu voor  € 125,-  Onderweg zien we nog een slang over de weg schichten en twee keer een schildpad. We gaan de weg af om een plek te zoeken en in het kleine plaatsje Basmakci zien we een groot politiebureau  en daarachter mogen we met alle plezier staan. Mijnheer agent komt nog even e.e.a. vertellen over de winkels etc. in keurig Engels.  Ik ga even naar wat vrouwen toe die in het speeltuintje zitten en ik moet onmiddellijk proeven van iets wat lijkt op een dikke soep met fruit, rozijnen, witte bonen, amandelen etc. Het is echt lekker. Ik ga terug naar de camper en even daarna wordt er een hele schaal gebracht . We hebben wel heel veel bekijks. Na het eten kan een mevrouw haar nieuwsgierigheid niet meer bedwingen en staat bij de deur. Als ik zeg: kom maar even kijken, weet ze niet hoe snel ze naar binnen moet. Het is allemaal heel gezellig en ongedwongen.
 
 
 


 
 



 


 

dinsdag 9 april 2013


4 april
We gaan om 10.45 uur weg bij Erik en zijn om 19.30 uur voorbij Würzburg. Staan prettig bij een of ander oefenzaaltje van een bandje.

5 april

Om 9.15 uur willen we weg, maar dan klinkt de grafstem van Dick : de verwarming is kapot. Aangezien het nog erg koud is moet er snel wat gebeuren omdat anders het water van de camper wordt weggegooid. We zitten al met het alarmnummer van onze verzekering in de hand als hij ineens weer aanslaat. Gelukkig. Om 11.45 uur passeren we de Oostenrijkse grens en kunnen daar vignetten kopen voor Oostenrijk en Hongarije in een keer. 75 km voor de Hongaarse grens passeren we de 100.000km van onze camper.Om 15.30 uur gaan we de grens bij Hongarije over. Rond 18.00 uur bij Boedapest en bij Kecskemet zoeken we een restaurant om hopelijk te overnachten en te eten.
We vinden er een  in een molen waar we kunnen betalen met Visa , overnachten  en heerlijk eten voor 25 euro incl. wijn en koffie met zijn tweeën.

6 april

9.30 uur weg en om 10.30 uur de grens naar Servië over [zonder problemen ook al is het geen EU land], geen mooi  land maar goede wegen en bewegwijzering. Overal tol betalen, maar niet duur en met Visa betalen, uiterst goed geregeld en alles ook in het engels, een verrassing. We zien langzamerhand de amandelboompjes in bloei en steeds meer blaadjes  aan de bomen. Het is buiten steeds warmer.  Om 18.15 uur de grens naar Macedonië  over, ook zonder tijdsverlies. Bij een prachtig 4sterrenhotel met uitzicht op een meer overnacht en we, omdat er nergens campings zijn. We eten weer ontzettend lekker voor een zeer schappelijke prijs.  We zitten daar buiten omdat de temperatuur nog steeds boven de 20 graden is.

7 april
Vannacht hevige storm en daarna hevige regen. Om 10.00 uur weg en om 12.00 uur passeren we snel de grens van Griekenland. Het regent nog steeds hevig. Even het kustplaatsje Kavala ingereden om te pinnen (euro’s).  Om 17.15 uur bij de griekse grens dat gaat snel i.t.t. de turkse daar zijn we 2  ½ uur bezig om eerst een visum a  15 euro te bemachtigen en daarna  allerlei loketten te bezoeken, waar volgens ons steeds weer dezelfde dingen worden gevraagd en bekeken en bestudeerd en met een vinger typend in de computer gezet.
Om  19.45 uur (hier in Turkije 20.45 uur en inmiddels helemaal donker)  zijn we toch weer aangewezen op een eettent waar we kunnen staan en overnachten  en met  Euro’s betalen. Wel heel erg luxe, drie keer achterelkaar uit eten.

 

 


8 april
Vannacht worden we eerst opgeroepen tot het gebed, een uur later worden er allerlei mededelingen gedaan door luidsprekers (!!!) . Toch slapen we daarna nog wel even ondanks, koerende duiven, blaffende zwerfhonden en twee kraaiende hanen.   We gaan eerst in het plaatsje Ipsala geld pinnen  en brood kopen .  Een stuk verder zien we een Kipa extra, een heel grote winkel met allerlei levensmiddelen maar ook kleding, apparatuur etc.  Daar even gekeken en dan weer verder. Als men zegt, hoe ouder hoe wijzer, gaat dat voor ons niet op want we moeten weer zo nodig van de grote weg af om bij de zee te komen, maar al wat we zien is een steeds slechter wordende nog wel verharde weg, die plotseling overgaat in een verhard zandpad. Dick rijdt door omdat er geen andere mogelijkheid meer is, maar de auto gaat steeds meer glibberen op de natte klei en naast ons is het toch een heel stukje lager.  Hij durft ook niet te stoppen want dan gaan we zeker vastzitten. Op een gegeven moment kan hij toch draaien en gaan we glibberend het stuk weer terug.   Eindelijk op de grote weg richting Cannakale, eerst nog tot aan de punt gereden van het schiereiland, een prachtige weg door een natuurreservaat en toen terug tot bijna bij de veerpont. We blijven staan op een parkeerterrein tegenover een ruïne.


9 april
Na wederom opgeroepen te zijn voor het gebed, wat  we beantwoorden met wat gesmoorde vloeken, blijkt de ruïne (een oude vesting)  tegenover ons een zeer geliefd punt te zijn voor kinderen en toeristen . Vanaf  7.00uur rijden er bussen af en aan met vooral oost-aziatische toeristen en die maken een lawaai.
Om 9.15 uur rijden we weg en om 9.20 uur zitten we op de veerpont naar Cannakale.

Van de boot af begint de grote zoektocht naar een camping. Via Ezine volgen we een mooie kustweg richting Edremit. Wegen worden steeds slechter en als we al een bordje camping zien, dan is die dicht. In Avaylik zien we een tourist office. De man daar zegt dat alles nog dicht is, het is nog te vroeg in het seizoen. Toch belt hij iemand op die bereidt is de poort voor ons te openen. Zelfs met een adres vinden  na  allerlei omzwervingen om 16.00 uur eindelijk de  camping. Planning is om morgen hier ook te blijven.